Wieg in Westpoort

Het Houtblad, 31 augustus 2008

Search Ingenieursbureau, dat zich sterk maakt voor de Cradle to Cradle-filosofie, heeft haar nieuwe vestiging in Amsterdam zoveel als mogelijk volgens deze principes uitgevoerd, waaronder het doorgebruik van materialen. Het kantoor verwierf een nominatie voor de NET-Trofee 2008 (Nationale Energie Toekomst).

Het antracietkleurige kantoor had een betere locatie verdiend: op een verhoging in een natuur van groen en blauw. Nu staat het onopvallend in het Westelijk Havengebied (Westpoort) van Amsterdam, teruggetrokken van de weg, aan de ene zijde geflankeerd door een monstrueus kantoor en aan de andere zijde door iets woests en ledigs waaraan de mens (n)iets heeft toegevoegd. De Westpoort als geheel ademt dezelfde onbestemdheid. Het is een mix van bedrijventerrein en industriegebied, waar ook nog 370 mensen wonen. Ruim 40.000 werkenden verdrinken in dit onmetelijke niemandsland aan het Noordzeekanaal. Enorme schepen brengen of laden er containers of spullen, weggebracht of aangevoerd door korte maar krachtige goederentreinen. Bij het bezoek strijden gevoelens van weerzin en weerzien om de voorrang. Want in al z'n weerbarstigheid heeft dit gebied toch zeker z'n charme.

Modernistische architectuur

Het kantoor zelf, tweelagig op een sokkel, heeft het ranke voorkomen van een langwerpige, opengewerkte doos van hout en glas. Dit idee wordt versterkt, doordat het 2 meter brede overstek gelijkloopt met het verhoogde plankier van onbehandeld geprofileerd bangkirai eronder. Enkele spaarzame traptreden hierin verwijzen naar de entree. Op de hoek van het dek staat een dynamische vrouwenfiguur, symbool van het onuitputtelijke leven. De algehele aanblik is sereen minimalistisch, wat wel en niet bij de Cradle to Cradle-principes past. De peetvaders van de leer, de Duitse biochemicus Michael Braungart en de Amerikaanse architect William McDonough, geven in hun Cradle to Cradle: Remaking the Way We Make Things (2002) af op de modernistische architectuur, die zich tot op vandaag in eenvormige verspilling niets gelegen laat liggen aan regionale bijzonderheden, cultuur, natuur, energie- en materiaalgebruik. Maar noch architect George Witteveen, noch opdrachtgever en directeur van Search Anne-Marie Rakhorst wilden zich star opstellen. Witteveen: 'Ik blijf een architect van "minder is meer" en "wat je ziet, is wat je krijgt". Bovendien sluit het ontwerp nauw aan bij het technische karakter van het bedrijf.'

Getourmenteerde natuur

Kern van de van wieg tot wieg-filosofie is dat er een eind moet komen aan het leegzuigen van de getourmenteerde natuur. Lucht, water, grond en bouwstoffen mogen wél volop worden gebruikt, echter niet langer roekeloos: niet the sky, maar the nature is the limit. Goed bedoeld hergebruik (recycling), feitelijk voortkomend uit schuldgevoel, vertraagt alleen de ondergang van de wereld. In plaats daarvan stellen Braungart en McDonough doorgebruik (upcycling) voor, de splinternieuwe toepassing van stoffen. Of het nu gaat om biologische of technische materialen, beide moeten honderd procent uitsplitsbaar zijn in elementen die dan weer net zo zuiver terechtkomen in nieuwe producten, zoals de overvloed aan bladeren, bloesems en vruchten van de kersenboom en uiteindelijk de dode stam, takken en wortels maximaal worden benut. Van overdreven overdaad is hier geen sprake: eco-efficiëntie moet ruimte maken voor eco-effectiviteit. Er zijn kansen, geen bedreigingen, er is gewetensrust, geen schuldbesef. In dit optimistische visioen bestrijkt afval = voedsel niet alleen producten, maar ook woningen, gebouwen, infrastructuur, ja de hele organisatie van de wereld. Loesje: 'Waarom afval produceren als je het toch weggooit?'

Prachtig dubbelbeeld

Het Search-kantoor (12 x 50 m) voldoet in diverse opzichten aan de Cradle to Cradle-principes, zoals (gecertificeerd) houtgebruik, energiehuishouding, zuiver binnenklimaat, meervoudig watergebruik, interieurinrichting en schilderwerk. Buiten toont het zich van z'n drielaagse glaskant, geordend door antracietkleurige verticale elementen op kop en langsgevel. Ze lijken op brede kolommen, maar in feite zijn het schuifpanelen oftewel PEFC-gecertificeerde lariks frames afgetimmerd met ruwgezaagde western red cedar delen met CSA-certificaat (140 x 15 mm), afgewerkt met Drywood woodstain: een prachtig dubbelbeeld. Na sluitingstijd is het gebouw derhalve een gesloten doos, een last voor het oog van de inbreker. De tegenoverliggende zijden zijn geheel beplankt met hetzelfde western red cedar. Slechts zes kleine kozijnloze ramen breken het enorme vlak van de langsgevel. De glazen variant ligt op het zuiden en laat zo veel licht en warmte toe, getemperd door het overstek. Vanuit het noorden is alleen bewolkt licht en vinnige kou te verwachten, daarom is die langsgevel in hout uitgevoerd. De kopse gevels volgen in glas (west) en hout (oost), zodat het gebouw bestaat uit twee complementaire L-vormen. Voor de energiehuishouding is deze plaatsing op de windrichtingen het gunstigst.

Energieplussend

Onder het kantoor zijn 56 zogenaamde Energypalen geheid, alle voorzien van kunststof lamellen die als warmtewisselaars zorgen voor de opslag van warmte c.q. koude in de bodem. Gezien de lichte constructie was de helft van de palen nodig geweest. In het dak is hetzelfde systeem toegepast, het is volgelegd met dezelfde lamellen. Ook dit Energydak fungeert als warmtewisselaar. Palen en dak tezamen verzorgen via twee warmtepompen voor een optimale temperatuur in het gebouw. In de beganegrondvloer, gewapend betonnen kanaalplaten met dito druklaag, zijn de verwarmings- en koelslangen opgenomen. Het dak is voorts uitgerust met 55 m2 zonnepanelen. Bovendien wordt het regenwater er opgevangen en naar ondergrondse opslagtanks geleid. Dit grijswater dient voor de spoeling van de toiletten, koelen van de laboratoriumapparatuur en wassen van de bedrijfswagens. Wanneer ook de twee wokkelwindmolens zijn geplaatst, gaat Search stroom teruggeven aan het net, waardoor het energieneutrale gebouw energieopwekkend wordt.

Kruislaaghout

Voor de draagconstructie viel de keuze op het Oostenrijkse KLH-systeem (kruislaaghout). Architect Witteveen is bepaald gecharmeerd van hout(bouw) en verrichtte, mede aan de hand van Het Houtblad, onderzoek naar de verschillende mogelijkheden. 'Zo heb ik gekeken naar LenoTec en het Q-concept van architectenbureau MIII, maar KLH vond ik toch het simpelst en werkbaarst. Qua zichtkwaliteit is het ook het mooist.' Kruislaaghout betreft wand-, dak- en vloerelementen, samengesteld uit kruiselings gelijmde vuren planken in - al naar de toepassing - drie, vijf, zeven of nog meer lagen. De kruiselingse lijming beperkt het werken tot het minimum. De maximale afmetingen zijn 16,50 x 2,95 x 0,50 m; in dit project was de maximale lengte 12,0 m. De PEFC-gecertificeerde elementen worden aangeboden in niet-, industrie- en woonkwaliteit. Hier zijn de afmetingen van de wandelementen 2.950 x 3.100 x 72 mm, die van dak en vloer bedragen 2.950 x 10.000 x 140 mm. De schijfwerking zorgt voor de stabiliteit van het kantoor.

Epc 0,6

In het middengebied, de verkeerszone tussen de kantoorruimtes links en rechts, is over de twee verdiepingen een dubbele rij gelamineerd vuren kolommen (300 x 300 mm, 3,10 m lang) geplaatst, met PEFC-certificaat. Ertussen zijn dito liggers bevestigd (300 x 600 mm, 7,6 m lang). Op dit stelsel rusten de vloer- en dakplaten. Aan de rand vinden ze steun op de KLH-buitenwanden. In de glasgevel vormen stalen U-profielen als lateien boven de glaspanelen de verbinding tussen de stukken KLH-wand. In alle buitenwanden is als isolatiemateriaal 160 mm dik Pavatex (geperste houtvezels zonder lijm of bindmiddelen) opgenomen. Zo wordt een warmte-isolatie van Rc= 4,5 m2.K/W verwezenlijkt. De epc ligt met 0,6 ver onder de norm van 0,8. Op de houten verdiepingsvloer is een betonnen dekvloer van 110 mm gestort; hierin zijn eveneens verwarmings- en koelslangen geïntegreerd. Het toegepaste klimaatbeheersingssysteem circuleert geluidloos door het gebouw, het regelmatig verversend met nauwelijks verlies van warmte of kou. De lucht, al gefilterd op fijnstof, verlaat het gebouw schoner dan het erin kwam.

Vrouwelijke accenten

Het interieur toont evenzeer minimalistisch. Ook hier spreekt architect Witteveen van 'weglaten om rust te creëren', al is beleving zeker een Cradle to Cradle-principe. In de gang, waarin de installatievoorzieningen in het zicht aan het plafond hangen, vormen glazen wanden de enige afscheiding naar de kantoren rechts, wat veel openheid schept. De linkerwanden en de trap naar de eerste verdieping zijn in KLH uitgevoerd, behalve waar zich werk-, vergader- of lesruimtes bevinden, daar biedt glas in- of uitkijk. Qua kleur is er evenmin veel verscheidenheid, al hangt er - voorliefde van directeur Rakhorst - veel beeldende kunst in de ruimtes. De kolommen en liggers zijn antraciet geverfd, de wanden wit of antraciet. Op de verdieping is in een bonte reeks daklichten voorzien, die van binnen in allerlei kleuren zijn geschilderd en zo vrouwelijke accenten in de mannelijke omgeving brengen. De dakramen brengen extra licht in alle seizoenen en, geopend, verkoeling in de zomer. Het meubilair is wit: bureautafels met een blad van geperst papier, stoelen van herbruikbaar kunststof en kasten met een geluidsisolerende laag. Al het hout is geschilderd met Aquamarijn Natuurverf-producten, gebaseerd op lijnolie; ze bevatten dus geen oplosmiddelen of zware metalen.

Tweede variant

Op dit moment nadert een tweede variant bij het hoofdkantoor in Heeswijk z'n voltooiing. Hierin zijn de Cradle to Cradle-principes verder aangescherpt. Het eenlaagse, L-vormige gebouw is eveneens door Witteveen ontworpen. Op een aangrenzend perceel wordt een ecopark aangelegd. Zo raakt kritisch beschouwde luchtfietserij de grond.

 
 
 
Je struikelt vandaag over de duurzaamheidsinitiatieven van bedrijven. Eerst was er een handjevol mensen, dat elkaar allemaal kende. Het is ongelooflijk hoeveel mensen zich er nu al mee bemoeien. Het is een wonder. Zo snel gaan die dingen meestal niet.
 
 
 
 
  | Search | Anne-Marie Rakhorst | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | Privacy Statement |